VAR, vaarwel

Een week of wat geleden heb ik met een beginnende ZZP’er meegekeken met de aanvraag van een VAR over 2016. Drie weken later ontving hij ook netjes zijn verklaring van de belastingdienst. Met die verklaring wist zijn opdrachtgever zeker dat er geen loonheffingen hoefden te worden betaald over facturen van de ZZP’er. Op de VAR stond namelijk dat het werk niet door een werknemer, maar door een ondernemer werd verricht.

Misschien was het wel de laatste nieuwe VAR die ik ooit heb gezien. Want op 1 mei 2016 wordt de huidige regeling afgeschaft. De VAR is dan niets meer waard en kan door de symbolische papierversnipperaar (door de fysieke papierversnipperaar mag hij
trouwens pas op 1 januari 2024). De vraag is dan ook, wat nu?

Op 1 mei 2016 heeft een opdrachtgever die een ZZP’er inhuurt geen wettelijke zekerheid meer dat er geen loonheffingen hoeven te worden betaald. Om de risico’s toch te beperken, hanteert de belastingdienst een systeem van vooraf goedgekeurde overeenkomsten. Hierin sluiten de opdrachtgever en de ZZP’er een overeenkomst en leggen deze voor aan de belastingdienst. Als de belastingdienst (na 6 tot 8 weken) oordeelt dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst, dan weet de opdrachtgever zeker dat hij voor het werk van de ZZP’er geen loonheffingen hoeft te betalen. Uiteraard moet de gang van zaken in de praktijk wel precies aansluiten bij de tekst van de overeenkomst.

Het is ook mogelijk om een vooraf goedgekeurde overeenkomst van de belastingdienst zelf te gebruiken. Dat is in veel gevallen sneller; maar de door de belastingdienst ingevulde teksten in die overeenkomst mogen niet worden aangepast.

Wie ZZP’ers inhuurt of zelf ZZP’er is, doet er dus goed aan om nog eens naar zijn contracten te kijken.

Waar de goedgekeurde overeenkomst voor de opdrachtgever zekerheid biedt, is er voor de ZZP’er nog een horde te nemen. De belastingdienst keurt namelijk de overeenkomst voor een specifieke opdracht goed. Daarmee beoordeelt de belastingdienst niet (meer) of de opdracht voor de ZZP’er tot zijn eenmanszaak behoort of op een andere (minder gunstige) manier in de aangifte inkomstenbelasting moet worden opgenomen. De belastingdienst beoordeelt dit pas bij de behandeling van de aangifte inkomstenbelasting.

Door met een BV te gaan werken kan de ZZP’er meer zekerheid krijgen over zijn eigen fiscale status.  Tot 1 mei 2017 zal de belastingdienst overigens soepeler met de regels omgaan.