We zijn er voor je
Ondersteund door ICT
Ondernemer tot ondernemer

De terugwerkende kracht die aan de regeling excessieve vertrekvergoeding is verbonden, is volgens de Hoge Raad toch geoorloofd.

Volgens deze regeling mag voor heffingen over het jaar 2009 rekening worden gehouden met bestanddelen uit het inkomen van heel 2008, óók voor zover deze werden genoten voordat de inhoud van deze regeling werd bekendgemaakt (13 mei 2008).

Regeling
De regeling excessieve vertrekvergoeding houdt in dat de werkgever een extra loonheffing is verschuldigd van 75 procent (tot en met 2012 30 procent) over de door hem verstrekte vertrekvergoeding voor zover deze vergoeding het jaarloon van de vertrekkende werknemer in het ‘vergelijkingsjaar’ overstijgt. In ons nieuwsbericht van 25 oktober 2013 hebben we de hoofdlijnen van deze regeling weergegeven.

Bezwaren
Tegen deze terugwerkende kracht waren veel bezwaren aangevoerd. Echter de Hoge Raad kwam tot het oordeel dat de wetgever binnen zijn ruime beoordelingsmarge is gebleven, óók voor zover rekening wordt gehouden met loonbestanddelen die zijn genoten voorafgaand aan de bekendmaking van de regeling. Ook was volgens de Hoge Raad voldaan aan het vereiste van ‘fair balance’.

Crisistax
Deze uitspraak is mogelijk ook relevant voor de pseudo-eindheffing hoge lonen, de zogenoemde Crisistax. Dit betreft een heffing van 16% over lonen die meer bedragen dan € 150.000,-.

In deze regeling zit een vergelijkbare terugwerkende kracht, waarbij lonen over heel 2012 worden betrokken terwijl de regeling pas medio 2012 bekend is gemaakt (idem: het loon over heel 2013 wordt betrokken terwijl de verleningen van de “eenmalige heffing” medio 2013 bekend werd gemaakt).

Hoewel de onderhavige uitspraak van de Hoge Raad op een andere heffing ziet, kan mogelijk leiden tot verwerping van hetzelfde bezwaar tegen de Crisistax. Overigens zijn er meerdere gronden waarop tegen de Crisistax bezwaar kon worden gemaakt. Wellicht zullen die wel stand houden.