Prinsjesdag 2023 – Enkele overige fiscale wijzigingen

Ben je ZZP’er of huur je ZZP’ers in? Let dan op. Per 1 januari 2024 zal de belasting ZZP-contracten op basis van vrije vervanging niet meer accepteren. Deze wijziging volgt niet uit het Belastingplan maar is naar aanleiding van het zogenoemde Deliveroo-arrest uit het voorjaar van 2023 en gaat in per 1 januari 2024.
De MKB-winstvrijstelling daalt van 14% naar 12,7%, waardoor de ondernemer / ZZP’er effectief tegen een hoger tarief zal worden belast.
Voor de ZZP’er wordt de afschrijving op het bedrijfspand beperkt tot de WOZ-waarde, net als dit al enkele jaren in de vennootschapsbelasting van toepassing was.
Werknemers die de 30%-regeling toepassen kunnen deze vanaf 1 januari 2024 nog slechts toepassen tot aan de “Balkenendenorm” (2023: € 223.000 per jaar). Voor het meerdere mag de 30%-regeling niet meer worden toegepast. Werknemers die in de loonaangifte van december 2022 (of periode 13, 2022) reeds recht hadden op de 30%-regeling vallen tot 1 januari 2026 buiten deze regeling. Deze wijziging volgt niet uit het Belastingplan 2024 maar uit het Belastingplan 2023.
De gerichte vrijstelling voor kilometervergoedingen gaat van € 0,21 naar € 0,23 per kilometer. Deze wijziging volgt niet uit het Belastingplan 2024 maar uit het Belastingplan 2023.
Om administratieve lasten te verlichten komt er een gerichte vrijstelling voor OV-kaarten, in welke vorm deze ook wordt verstrekt. De enige voorwaarden is dat deze ook zakelijk wordt gebruikt (waaronder woon-werk verkeer). Er hoeft geen analyse meer te worden gemaakt tussen de kosten van de OV-kaart en het werkelijke zakelijke gebruikt. Dit maakt het vooral makkelijker om de kosten van een OV-kaart aan de werknemer te vergoeden.
Als er aandelen worden geleverd van een vennootschap waarin nieuwbouw vastgoed aanwezig is, dan kon dit voorheen vrij van BTW en vrij van overdrachtsbelasting. Vanaf 1 januari 2025 zullen dergelijke aandelenleveringen worden belast met 4% overdrachtsbelasting over de waarde van het vastgoed. Deze heffing speelt niet als het vastgoed ten minste twee jaar lang voor 90% of meer BTW-belast wordt gebruikt.
Als de aandelen voor 1 januari 2030 worden geleverd op basis van een intentieovereenkomst die voor 19 september 2023 (15:15u) is afgesloten dan wordt er ook geen belasting geheven bij wijze van overgangsregeling. Hiervoor geldt wel dat er voor 31 maart 2024 een goedkeuring bij de belastingdienst moet zijn aangevraagd.
De MIA, EIA en Vamil zouden aflopen maar worden verlengd tot 2028. Wel daalt de EIA van 45,5% naar 40%.
In beloningsstructuren onder lucratief belang kunnen leningen eerder worden aangemerkt als vermogen. Hierdoor kan het uitgeven van een beperkte omvang aan aandelen eerder worden gezien als een lucratief belang indien een vennootschap door aandeelhouders/investeerders is gefinancierd met een lening die materieel vergelijkbaar is aan cumulatief preferent kapitaal. Dit moet per overeenkomst worden beoordeeld. Deze regeling werkt terug tot 26 juni 2023.
Er bestaat geen recht op het verrekenen van dividendbelasting als er sprake is van zogenoemd dividendstrippen. Hiervoor ligt de bewijslast bij de belastingdienst. De bewijslast dat de ontvanger de uiteindelijke gerechtigde is komt voortaan te liggen bij degene die de dividendbelasting wil verrekenen.
Voor beursaandelen zullen, via de aangifte dividendbelasting van de beursgenoteerde vennootschap, leidende registratiedatums worden vastgelegd om in de bewijslast te kunnen voorzien.
Als dividendbelasting per jaar minder dan € 1.000 bedraagt dan blijft de bewijslast bij de inspecteur.
Deze wijzigingen zien op verrekening in zowel de inkomstenbelasting als vennootschapsbelasting.