Kilometervergoeding omhoog: wat betekent het nieuwste besluit voor jou als werkgever?
Door de oorlog in het Midden-Oosten en de daaruit voortvloeiende torenhoge energie- en brandstofprijzen, lopen de kosten snel op. Het kabinet heeft daarom eerder dit jaar een pakket maatregelen aangekondigd om zowel huishoudens als bedrijven te ondersteunen.
Met een recent beleidsbesluit worden de eerste van die maatregelen nu concreet uitgewerkt.
De belangrijkste wijziging: € 0,25 per kilometer
De maatregel die in de praktijk het meest direct merkbaar (en in elk geval het meest besproken) is, betreft de reiskostenvergoeding. Tot nu toe mocht je maximaal € 0,23 per kilometer onbelast vergoeden. Dat wordt € 0,25 per kilometer.
Het maakt voor de hogere vergoeding niet uit of de werknemer daadwerkelijk hogere brandstofkosten heeft. De hogere vergoeding geldt ook als de werknemer met bijvoorbeeld een elektrische auto of fiets reist.
De verhoging werkt met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. Heb je als werkgever in 2026 al méér dan € 0,23 per kilometer uitgekeerd (bijvoorbeeld deels via de vrije ruimte of als belast loon), dan kun je dit nu mogelijk alsnog (deels) onbelast maken. In dat geval kun je correctieberichten indienen over het verschil. Heb je tot nu toe € 0,23 per kilometer vergoed, dan mag het verschil als nabetaling vergoeden.
De hogere vergoeding is slechts een fiscale mogelijkheid. Als werkgever ben je niet fiscaal gezien verplicht om hier gebruik van te maken. Mogelijk geldt in je arbeidsvoorwaarden of cao echter wel een bepaling dat je altijd het hoogst toelaatbare fiscale bedrag vergoedt. Dan kan een werknemer zich hier mogelijk op beroepen.
Praktisch: wat moet je als werkgever nu doen?
Voor veel ondernemers is dit geen puur fiscale vraag, maar een praktische:
- ga je de vergoeding verhogen naar €0,25?
- past dit binnen je arbeidsvoorwaarden of CAO?
- en wil je met terugwerkende kracht corrigeren?
Daarnaast vraagt de maatregel om actie richting de salarisadministratie. Door de terugwerkende kracht kan het nodig zijn om eerdere vergoedingen in 2026 opnieuw te verwerken.
Het besluit is breder dan alleen de kilometervergoeding
Naast de kilometervergoeding voor werknemers worden alle kilometerprijzen in de belastingwetten verhoogt van € 0,23 naar € 0,25. Bijvoorbeeld ook de kilometer aftrek die de ondernemer (ZZP’er) met de privéauto rijdt, of de kilometerprijs in de zorgkostenaftrek.
Hoewel de kilometervergoeding het meest in het oog springt, bevat het besluit ook eens tijdelijke verlagingen van de motorrijtuigenbelasting voor bepaalde voertuigen.
Deze maatregelen zijn vooral bedoeld om bedrijven te helpen die sterk afhankelijk zijn van transport en dus direct geraakt worden door de stijgende brandstofkosten.
En wat komt er nog aan?
Het besluit dat er nu ligt, is eigenlijk een voorzet op wetgeving die later volgt. De maatregelen worden uiteindelijk opgenomen in het Belastingplan 2027.
Daarnaast zijn er nog andere fiscale maatregelen aangekondigd, zoals een verhoging van de energie-investeringsaftrek (EIA) ten koste van een verlaging van de “gewone” (kleinschaligheids)investeringsaftrek. Deze worden naar verwachting in september verder uitgewerkt.
Tot slot
Het kabinet probeert met deze maatregelen verlichting te bieden voor de stijgende kosten door de energiecrisis. De meest directe maatregel, een vermindering van de brandstofaccijns wordt echter niet genomen.
Voor werkgevers betekent dit vooral extra keuzes:
- ga je je medewerkers extra compenseren?
- of houd je je vast aan je huidige beleid?
De juiste keuze hangt uiteindelijk af van de financiële ruimte en het personeelsbeleid.